Peru

Door: kirsten verstraete

Blijf op de hoogte en volg dieter en kirsten

27 Maart 2009 | Peru, Nazca

24 dagen in Peru, hoogtijd voor een update!
Dankzij één van de vlotste grensovergangen ,tot nu toe, stonden we dinsdag 24/2 al snel op Peruaans grondgebied en konden we meteen doorrijden tot in Puno.
Puno staat bekend om zijn met riet gemaakte drijvende eilanden in het Titicacameer. Op deze zelfgemaakte eilanden wonen kleine groepen mensen met elk hun eigen burgemeester. Ze spreken Aymara, een voor ons onverstaanbaar taaltje. Met een bootje kan je hun drijvend dorpje, met hun kleine hutjes op, bezoeken. Het is wel een hele toeristische attractie geworden en we twijfelen aan de authenticiteit van de bewoners maar de uitgebreide uitleg van onze fantastische gids zorgde ervoor dat we ons helemaal konden inleven. Blijkbaar drijven er verder op het Titicacameer nog meer rieten eilanden waar de mensen nog wel volgens oude traditie leven maar daar gaat het toeristenbootje niet naartoe. Eigenlijk is het wel knap en stevig gemaakt hoor die eilanden.
Daarna brachten we een bezoek aan het eiland Taquile, zo een 7km² groot met ongeveer 2000 inwoners die Quechua spreken. Onderweg kregen we van onze gids uitleg over de lokale klederdracht: mannen dragen mutsjes en als deze helemaal rood zijn dan betekent dat dat ze getrouwd zijn, als het mutsje half wit half rood is dan zijn ze nog op zoek. Vrouwen dragen hier een grote zwarte doek over hun hoofd met pomponnetjes aan, grote pomponnetjes wijst op een getrouwde vrouw, kleine pomponnetjes op een vrijgezel. Dan dragen die vrouwen ook nog zo een draagzak zoals de meeste traditioneel geklede Boliviaanse vrouwen. We hebben al vanalles ontdekt in zo een draagzak van kleine kinderen tot groenten en fruit tot gasflessen, volle bakken bier én zelfs een deur, ja echt waar, alles in de zak en hupsa achter op je rug! Die vrouwen moeten kei sterk zijn! Nog een opdracht van Vraaigezellig, Chiro oud-leiding, was een foto van ons tweetjes in traditionele klederdracht omringd door de lokale bevolking. Dit was onze kans. Bij een familie aten we met de hele groep een lekker soepje gevolgd door een grote rijstschotel. Daarna mochten Dieter en ik wat kleren van hen aantrekken en met die familie op de foto. Ik kreeg zo een doek met grote pomponnetjes op mijn hoofd en een gekleurde rok aan, Dieter alleen een volledig rood mutsje op zijn hoofd. Ze hadden niet direct veel reserve-kledij en het moest ook een beetje vooruit gaan dus we vonden deze foto niet helemaal geslaagd maar goed beter als niets dachten we.
Op het dorpsplein kwamen we in een grote groep carnavalsvierders terecht met alles erop en eraan, ja het blijft hier feest vieren! Een oude zatte man greep me vast en begon met me te dansen, dit was pas omringd worden door de lokale bevolking maar helaas was ik niet in traditionele kledij.
Terug in Puno gingen we naar de lokale markt, buiten het toeristische gedeelte van de stad, en het was overduidelijk dat ze hier niet veel buitenlanders gewoon zijn. Kinderen wezen ons na 'Gringo's', vrouwen verborgen hun gezicht nog harder in hun doeken en mannen grijnsden en ontblootte hierbij enkele vergeelde rotte tanden. Toch vonden we het leuk om hier rond te slenteren en de plaatselijke sfeer op te snuiven. Bergen aardappels lagen op de straat klaar om gewogen te worden met een antieke weegschaal. Door de straat reden motortaxi's wat niet meer is dan een brommer met een karretje aan. We keken onze ogen uit onze kassen toen we al die nieuwe ingrediënten verpakt in grote plastieken zakken passeerden. Maar we kokhalsden ook spontaan toen we het straatje van de slagers inliepen en we bijna op een gevild koeien-hoofd botsten dat op een vuile doek lag en ons met zijn grote ogen aanstaarde. Grote hompen vlees hangen hier gewoon buiten in de hitte aan haken terwijl kinderen met een schotelvod er de vliegen van proberen af te kloppen, jakkes.
Op de modderige parking waar we ook bleven slapen, kookten we onszelf een lekkere vegetarische maaltijd.

Iets buiten Puno ligt het dorpje Sillustani waar we een begraafplaats van het Colla-volk bezochten. Het zijn hoge, stenen torens op een heuvel aan het Umayo meer.
Toen we verder reden door de kleine bergdorpjes met hun hutjes met rieten dakjes en in hun voortuintjes één of meerdere lama's en vicunas hoorden we plots tromgeroffel. Toen we ook trompetten hoorden, wisten we wel zeker wat er aan de hand was: weer een dagje Carnaval vieren! We zetten onze auto langs de kant van de weg en gingen af op het geluid van de fanfare. Zo kwamen we ergens tussen de bergen in een dal uit. In de velden zagen we mensen met fel gekleurde kledij dansen. We volgden het zandpaadje te voet verder en kwamen dan aan een soort van stenen omheining. We denken dat ze hier soms markt houden maar nu zat het hier vol met feestvierders.
Er was duidelijk een danswedstrijd aan de gang. Allemaal groepen van mensen die in prachtige traditionele kledij hun dans-kunsten toonden. Toen wij tweetjes daar binnen die stenen omheining liepen, kregen we een heleboel nieuwsgierige, verlegen maar vriendelijke blikken toegeworpen. Je zag die mensen denken: Waar komen die blonde gringo's ( vreemdelingen) in godsnaam vandaan?
Dit was dé ultieme kans om de opdracht voor Vraaigezellig uit te voeren: Dieter en Kirsten in traditionele kledij omringd door de lokale bevolking. Maar we werden zo bekeken dat we er zelf ook verlegen van werden. Trouwens we konden die mensen toch moeilijk uitkleden? Dus we bleven daar een beetje als kiekens zonder kop rondhangen tot we wat gewoon waren aan het gefezel achter onze rug. Uit één van mijn ooghoeken zag ik een man met twee grote witte zakken uit de laadbak van een geparkeerde vrachtwagen komen. Hij was erg nerveus toen hij de rokken , bolhoeden, hemden, doeken, ... uit de zakken tevoorschijn haalde en op stapels voor zich neer legde. Ik dacht dat hij een marktkramer was die misschien tweedehands-kledij verkocht. Maar toen kwamen er nog meer mensen uit die vrachtwagen gekropen en begon iedereen snel zijn stapeltje kleren bij elkaar te zoeken. 'Dieter, kijk, die mensen hebben nog extra kledij, misschien kunnen we aan hen vragen of we even hun kleren mogen aantrekken voor de foto-opdracht' Enthousiasme is nog steeds besmettelijk en zelfs al hadden ze niet helemaal begrepen waarom wij met deze traditionele kledij op de foto wilden, ze deden hun uiterste best om ons van kop tot teen aan te kleden. Hilariteit alom toen ik mijn jeansbroek uitdeed om die gekleurde rok aan te doen. Ja, een gringo-meisje in haar onderbroek dat hadden ze hier al helemaal nooit gezien! Maar goed, blijven lachen. Het was gewoonweg prachtig om te zien hoe Dieter zelfs een fluit en een vlaggeske in zijn handen geduwd kreeg want ja dat is de traditie. We waren helemaal omgetoverd in een Peruviaans koppeltje uit de bergen maar nu moesten we nog iemand vinden die met ons digitaal fototoestel overweg kon. Wat een gedoe! Ok een foto van ons tweetjes maar we moesten de lokale bevolking rond ons hebben. De mannen wilden direct meer op de foto met trommel en al maar de vrouwen hebben we echt moeten smeken. Ze wilden niet gefotografeerd worden, kropen terug in de vrachtwagen, verstopten hun gezicht in hun doek,... en wij wilden hen niet dwingen, dit hoort tenslotte ook bij hun traditie. Eén jongere vrouw besloot ons toch een plezier te doen en daarmee was onze vijfde opdracht ook geslaagd!

De weg van Puno naar Arequipa was een ware hel: hagel, sneeuw, mist, scherpe bochten op meer dan 4500 meter hoogte en het onvoorstelbare rijgedrag van de buschauffeurs die zelfs in dit weer hun lichten niet aandoen!
Normaal gezien zouden we hier een afslag nemen naar de beroemde Colca Canyon maar met dit weer zagen we het letterlijk en figuurlijk niet zitten. Dat houden we tegoed voor op onze terugweg ergens in mei. In Arequipa scheen de zon en niets deed vermoeden dat het in de bergen zo een rotweer was. Bed & Breakfast Los Andes was een heerlijke plaats om te relaxen midden in de stad. We hadden zelfs draadloos internet op onze kamer en hebben hier dan ook uitgebreid gebruik van gemaakt. Het deed deugd om nog eens met het thuisfront te bellen!
Het hele weekend verbleven we in deze mooie stad. We kuierden rond op het stadsplein, vonden een tweedehands boekenwinkel waar we onze gelezen boeken konden ruilen voor nieuw leesvoer, kookten ons eigen potje in keukentje van het hostel, belden nog maar eens met het thuisfront en bezochten ook het klooster Santa Catalina. Dit klooster is precies een dorp op zich in het midden van de stad. Het heeft een wirwar van vele gezellige gekleurde straatjes, trapjes, tuintjes, een pleintje met een fonteintje en enorm veel kleine kamertjes waar de zusters vroeger leefden. Dit is de ultieme plaats voor een partijtje verstoppertje spelen! Het klooster was opgericht in 1580 door een zeer rijke weduwe. Zij koos haar nonnen uit de rijkste Spaanse families. De traditie wou dat de tweede zoon of dochter van deze hoge- klasse- families naar het klooster zou gaan. In dit klooster kregen de nonnen allemaal één tot vier meiden, meestal zwarte slaven, nodigden ze muzikanten uit en hadden uitgebreide feestjes. Maar in 1871 stuurde de Paus een zeer toegewijde zuster naar dit klooster die de feestgangers terug naar Europa stuurde en de slaven vrijliet. Sommige van die meiden werden nonnen en de 450 inwoners van het klooster werden totaal van de buitenwereld afgesloten om zich zo te kunnen richten op hun zusterschap. Pas in 1970 werd het klooster toegankelijk voor het publiek en de 30 zusters die hier nu nog leven, wonen in een aparte blok in het klooster.

Het volgende hoogtepunt waren de Nazca-lijnen in Nazca. Deze wereldberoemde lijnen in de woestijn vormen allerlei figuren die enkel en alleen vanuit de hoogte gezien kunnen worden.
Het is één van de grootste archeologische mysteries hoe, waarom en door wie de nazca-lijnen gemaakt zijn.
Er zijn wel 300 figuren gevonden waaronder een 180 meter lange hagedis, een aap met mooie gekrulde staart en een condor met een spanwijdte van 130 meter. Aan het vliegveld was een mooi hotel, Nido del Condor, die ook vliegtuigtickets verkocht. Hier boekten we onze vlucht voor de volgende ochtend en regelden we het zo dat we ook gratis mochten kamperen in de tuin van het hotel, het zwembad en de douches mochten gebruiken. Perfect dus!
Om 8u30 stonden we klaar om met een klein sportvliegtuigje over de Nazca-lijnen te vliegen. We hadden speciaal niet ontbeten omdat we al van verschillende mensen gehoord hadden dat de vliegtocht nogal misselijk-makend was. Maar toen we om 10 uur nog steeds niet in dat vliegtuigje zaten, werd ik stilaan misselijk van niets in mijn maag te hebben. Dieter en ik deelden snel een twix en natuurlijk mochten we meteen daarna aan boord van een piepklein vliegtuigje. Naast de piloot zag nog een andere toerist en achterin was er enkel en alleen nog plaats voor ons tweetjes, lekker gezellig. Na vijf minuten greep ik in paniek naar het plastieke zakje achter in de piloot-zetel en na nog enkele vreselijke mottige minuten zat mijn volledige maaginhoud daarin. Nu kon ik eindelijk genieten van het prachtige uitzicht. Het is wonderbaarlijk hoe duidelijk je die lijnen en figuren kan zien. Die lijnen zijn gemaakt door de stenen naar weerszijden van de lijn te verplaatsen zodat de lichtere ondergrond zichtbaar wordt. Maar wie zich hiermee bezighield in het midden van de rotsachtige woestijn is dus nog steeds een raadsel.

Cerro Blanco ligt ook bij Nazca en is de hoogste zandduin ter wereld, maar liefst 2078 meter hoog!
Hier kan je met een sandboard afroetsjen zoals je dat doet met een snowboard. De hoogste zandduin ter wereld...ja dat moeten we gezien hebben. Om 5 uur, ja zo vroeg, vertrokken we samen met nog een Japans meisje richting Cerro Blanco. Onze gids zou voldoende Engels kunnen spreken om ons uit te leggen hoe je moest sandboarden maar toen hij naar zijn jongere broer wees en zei: Maaij siesterrrrr wisten we al genoeg...
Met zijn vijven beklommen we een naburige berg om zo te kunnen oversteken naar de inmense zandduin. Het was een heuse drie uur durende tocht steil omhoog door de rotsachtige woestijn en later door het losse duinzand met onze plank onder onze arm en ook het zonneke liet zich af en toe zien. Bekaf stonden we op de top van Cerro Blanco en er zijn gewoon geen woorden voor het gevoel dat we kregen toen we rondkeken. Eén grote zandbak met in de verte de Andes, gewoonweg adembenemend. Eerst konden we wat oefenen op kleinere stukjes. Dieter had het sandboarden heel snel onder de knie. Mijn knieën daarentegen konden al niet meer en ik vond het omhoog kreffelen in het losse zand echt super vermoeiend. Natuurlijk hing ik ook al helemaal onder het zand wat ik zelf minder erg vond dan dat Japanse meisje. Zij was van kop tot teen ingepakt om zich zo te beschermen tegen het zand. Ze had zelfs een stofmasker over haar mond getrokken, wat een zicht. In Japan kennen ze de spreuk ' Zand schuurt de maag' blijkbaar niet!
Na het oefenen was het tijd voor het serieuze werk, eerst nog wel op onze buik op de plank en later sjeezden we de steile (60 %) duinen van wel enkele honderden meters lang, rechtstaand, af, kei tof!
Daarna moesten we nog een uur wandelen naar de taxi, pfff.

Steeds meer toeristen stonden met hun auto in de tuin van het hotel in Nazca geparkeerd en wij bleven er enkele dagen hangen. Het was hier zo zalig: lekker weertje, proper zwembad, leuke mensen waaronder ook een gepensioneerd Belgisch koppel, draadloos internet tot in de auto, pingpong-tafel, heerlijke pisco-sour, ...kortom vakantie!
We deden ook nog eens een grote kuis in ons rijdend huis. Ik heb zelfs de gordijnen met de hand gewassen!
Pas laat in de namiddag verlieten we op maandag 9 maart deze fantastische kampeerplaats en reden door naar een andere fantastische plaats, in het midden van de woestijn. Huacachina is een kleine oase omringd door hoge zandduinen. Hier genoten we van het goedkope dagmenu in een gezellig restaurantje aan het water en lazen we daarna onze leesboeken helemaal uit. De volgende dag wilden we wel eens weten hoe het zat met al die gemotoriseerde reuze go-carts die hier overal geparkeerd stonden.
Blijkbaar kan je je met zo een go-kart de duinen op laten rijden en dan al sandboardend naar beneden komen. Dieter en ik hadden eigenlijk niet zoveel zin om weer helemaal onder het zand te hangen. Wij hadden de hoogste zandduin ter wereld al getrotseerd! Maar we wilden wel eens in zo een go-kart zitten en een foto nemen van bovenop de duinen. Toen we het geregeld kregen dat we voor een prijsje mee mochten in de go-kart die al klaar stond, een sandboard mochten gebruiken én het allerbelangrijkste : het zwembad + douches van een hostel mochten gebruiken na de activiteit besloten we om toch nog maar eens te gaan sandboarden. Geloof ons, we zijn ontzettend blij dat we deze kans niet hebben laten liggen. Dieter en ik zaten voorin de go-kart naast de chauffeur. Achter ons zat een Canadees koppel en de uitbater van het hostel en daarachter nog twee meisjes. Onze gordels werden vastgemaakt en nog eens extra gecheckt wat wel nodig was want na een hevige start richting de duinen werd de rit in de duinen alsmaar spectaculairder. Onze chauffeur had er duidelijk zin in en reed vollenbak rond in deze inmense zandbak, stopte net op het randje van een hoge duin en sjeesde dan steil naar beneden. De adrenaline schoot door ons lijf toen hij begon met zijn slip-bewegingen in het losse duinzand. Dat karretje kantelde bijna maar natuurlijk niet helemaal. Dieter en ik genoten van de kick en schreeuwde de longen uit ons lijf. Geen enkele pretpark-attractie kan hier tegenop, geweldig gewoon! De wind blies in ons gezicht en toen we stil stonden konden we genieten van het uitzicht: zandduinen, zandduinen en nog eens zandduinen, overal om ons heen!
Ook het sandboarden was de moeite maar vooral telkens terug in die go-kart om naar een volgende goeie duin te rijden was kei tof zeker met zo een bekwame chauffeur die precies elk bultje in deze zandwoestijn weet liggen!
Na een goeie douche en een lekker zwempartijtje reden we door naar een wijngaard waar ze ons uitlegden hoe ze Pisco, lokale drank, maakten en mochten we van verschillende Pisco's proeven, straf spul. Daarna reden we door naar het park Paracas.
Hier konden we met onze eigen auto door de duinen racen. Ver genoeg van de rand van een hoge klif, waaronder het water van de Oceaan woest tekeer ging, parkeerden we onze auto. Nog eens lekker 'wild kamperen'.

Lima, de hoofdstad van Peru, hebben we niet bezocht. Het was er op de heenweg te chaotisch rijden en we hadden echt geen zin om hier zelf te rijden. We konden ook wel een taxi nemen naar het centrum van Lima maar zijn blijven hangen in Miraflores een chique buitenwijk van deze miljoenenstad. In de koffie-zaak Starbucks skypten we met Petra & Jan die bezig zijn met onze hypotheek-lening te regelen. We zijn erg blij dat we zo goed op hen kunnen rekenen en ze houden ons perfect op de hoogte!
Daarna waaiden we wat uit in het super deluxe winkelcentrum met uitzicht over de oceaan waar we bleven kijken tot de zon helemaal in de zee gezakt was, prachtig.

Verdorie, platte band. Bij een tankstation lieten we onze band maken en zagen we dat er een vijs in de band zat. Dat is zo een truuk van vandalen. Ze leggen een vijs achter je autoband en als je dan platte band hebt dan komen ze je maar al te graag 'helpen'. Maar omdat wij in onze auto bleven slapen en het waarschijnlijk te lang duurde voordat wij de parking verlieten, hebben we geen mens gezien. Toen wij daar met onze auto aan dat tankstation stonden zijn er zeer veel mannen komen leuren met vanalles en nog wat en zo hebben we nu nieuwe ruitenwissers, een zonnescherm, en hangt de spatlap aan de band ook weer beter vast. Als we ze hadden laten doen dan waren waarschijnlijk ook nog al de lampjes en reflectoren vervangen, hadden we zo een warme wollen ring voor over je stuur, nieuwe automatten en nog meer van datzelfde.

De Panamerican is de snelweg die langs de kust van Peru door de woestijn loopt. Deze weg is in goede staat en je betaalt regelmatig tolgeld maar hij is ook best saai en het is hier nog steeds erg warm. In Barranca bleven we in een tof hostel slapen met mooie kamers. Hier in Peru rijden zeer veel van die motortaxi's rond die alles en iedereen vervoeren en rondrijden als zotten.
Toen bleek dat we weer platte band hadden, blijkbaar vorige keer niet goed geplakt, ging Dieter met die kapotte band naast zich in zo een karretje achter een brommerke zitten en liet zich zo naar een service-station rijden. De bestuurder keek waarschijnlijk vreemd niet zozeer omdat daar iemand een autoband in zijn karretje zette maar omdat diegene die dat deed een gringo is.

Het paradijselijke surfdorpje Huanchaco was een echte verademing. Zon zee strand!
Weer bleven we enkele dagen op een camping staan. Het is gewoon leuk om het wat rustig aan te doen en echt te beleven wat er te beleven valt. We ontmoeten Kelly, een Hollands meisje, die getrouwd is met een Peruviaan en hier samen een cafeetje openhouden. Het cafeetje was nog maar een maand open en ze deden enkel open wanneer ze daar zin in hadden. Kelly had ons uitgenodigd om 's avonds iets te komen drinken maar toen wij bij zonsondergang over het strand slenterden, zagen we haar ook op het strand met een vriendin. 'Oh, ja ik heb het cafeetje gesloten want ik had echt frisse lucht nodig maar ik zal straks wel terug opendoen' zei ze. Geen probleem voor ons hoor, wij hebben tijd. Toen we later op de avond nogmaals langs hun cafeetje liepen, was het weer dicht maar we mochten wel even binnenkomen. Kelly had haar pasgeboren baby'tje aan de borst en vertelde ons dat ze dadelijk naar een sessie 'dynamisch dansen' ging en ze vroeg of wij niet wilden meekomen. We hadden niets te verliezen dus waarom niet? 10 minuten later stonden wij in de bibliotheek op ons blote voeten te dansen met een stoel alsof we ons hele leven al niets anders doen. Alle remmen los, zalig. Ook Dieter ging volledig op in het dynamisch dansen.
Daarna een heerlijke relaxatie-oefening en die avond sliepen we als roosjes.

Om 9 uur hadden we met een Engelstalige gids afgesproken aan de pier. We zouden samen met een Amerikaans koppel de archeologische plaats Chan Chan bezoeken, niet ver van Huanchaco.
Het was bakheet in de woestijn en we konden onze aandacht moeilijk bij de uitleg van de gids houden. Daarna bezochten we ook nog de tempel van de maan, Huaca de la Luna, een gigantische plaats waar eeuwen geleden ceremonies werden gehouden. Dit was een erg interessante plaats. Archeologen vonden hier vijf verdiepingen. Elke honderd jaar werd de vorige verdieping volledig dicht gemetst en werd hier bovenop een nieuwe verdieping gebouwd. Het is dus een heel karwei om hier opgravingswerken te doen, je moet eerst een hele rij stenen voorzichtig verwijderen vooraleer je aan de muurschilderingen en andere waardevolle voorwerpen kan komen. Er ligt hier nog een heleboel onder het zand klaar om ontdekt te worden. Onze gids is ervan overtuigd dat ze hier op een dag een kamer vol goud gaan vinden....

We ruilden de Panamerican snelweg voor hobbelige paadjes door het binnenland richting Ecuador.
Hiermee ruilden we ook de dorre zandwoestijn voor weelderige groene valleien. Maar het blijft wel even heet! Toen we nog een stadje door moesten, werden we weer geconfronteerd met de enorme milieu-vervuiling die we helaas al vaak hadden gezien tijdens onze reis. Er liep een bruinige rivier dwars door de stad en deze oevers liggen volledig bezaaid met allerlei vuiligheid waar de zwerfhonden in zitten te snuffelen. Als de berm te hoog bezaaid geraakt met afval dan steken ze dat gewoon in brand, vreselijk. Je houdt hier spontaan je adem in.
Op een marktje wilden we enkele bananen kopen maar blijkbaar is de minste hoeveelheid die je moet kopen 24 bananen ( ¼ van een grote tros) voor 25 eurocent! Toch kochten we er maar 4 en maakten de marktkramer blij met zijn extra winst.
Verder door het groene woud waar je af en toe een hutje tegenkomt, moesten we een paar rivieren oversteken maar gelukkig vertelden de lokale mannen ons voor een centje waar we het beste konden rijden of ze hadden al een brug in elkaar geflanst waar je dan bijtend op je onderlip over kon rijden.

Van Policia National naar de Adouana en dan nog naar Migraciones. We kennen het verloop van de grensovergangen in Zuid-Amerika ondertussen wel en het gaat alsmaar vlotter.
Aan de andere kant van de rivier ligt Ecuador, we moeten nu gewoon nog de brug oversteken en de papieren in orde brengen en dan zijn we weeral in een ander land met een andere cultuur!

Al de foto's van Peru staan op http://dieterenkirsten.smugmug.com


  • 08 April 2009 - 09:09

    Heidi:

    Heb eindelijk de kans eens gegrepen om jullie verhalen te lezen. Mooi neegepend, trouwens. 'k Wou dat ik af en toe ook eens ginder zat!
    Geniet er nog van!

Reageer op dit reisverslag

Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley

Verslag uit: Peru, Nazca

Mijn eerste reis

Een verre en lange huwelijksreis !

Recente Reisverslagen:

03 Juli 2009

Ecuador deel 2

08 Mei 2009

De Galapagos eilanden

13 April 2009

Ecuador 1

27 Maart 2009

Peru

15 Maart 2009

Deel 6: Carnaval in Oruro !

09 Maart 2009

Deel 5: The world most dangerous road

04 Maart 2009

Deel 4: De hel van Potosi

02 Maart 2009

Bolivië, DEEL 3 Sucre

20 Februari 2009

deel 2 : Nog meer corrupte politie!?

13 Februari 2009

deel 1 Corumba - Samaipata

30 Januari 2009

De Pantanal

17 Januari 2009

vijfdaagse in Paraguay

09 Januari 2009

van Oud naar Nieuw

29 December 2008

hitte-onweer op kerstavond

28 December 2008

Het merengebied

15 December 2008

Extranjeros of buitenlanders

29 November 2008

Ushuaia, fin del mundo !

28 November 2008

Wandelen in Torres del Paine

15 November 2008

Perito Moreno gletsjer

10 November 2008

Van bikini naar thermisch ondergoed !

31 Oktober 2008

Zeedieren à volonté !

25 Oktober 2008

Inbreken in eigen auto !

19 Oktober 2008

even tussendoor

17 Oktober 2008

la policia es un amigo ???

15 Oktober 2008

aangekomen

09 Oktober 2008

Wij vertrekken
dieter en kirsten

Een verre en lange huwelijksreis !

Actief sinds 24 Sept. 2008
Verslag gelezen: 351
Totaal aantal bezoekers 27965

Voorgaande reizen:

11 Oktober 2008 - 25 Juli 2009

Mijn eerste reis

Landen bezocht: